Farmacie
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Farmacie is de wetenschap van de farmaca, ook geneesmiddelen of medicijnen genoemd. Het Griekse woord pharmacon betekent geneeskrachtige stof of geneesmiddel. Een farmaceut is een beoefenaar van de farmacie. Een apotheker is dus per definitie een farmaceut. Een Nederlandse apotheker heeft echter een universitaire vervolgopleiding gedaan na het behalen van het doctoraal farmacie en kan als zodanig ook worden ingeschreven in het BIG-register. Niet iedere farmaceut is dus apotheker.
De wetenschap houdt zich bezig met de werking van zowel geneesmiddelen als placebo's in het lichaam van mens en dier ten aanzien van de ziekte of klachten die behandeld moeten wordend, bestudeert de eigenschappen en werkzaamheid van geneeskrachtige stoffen, de samenstelling, bereidingswijze en conservering van geneesmiddelen, de gewenste hoeveelheden werkzame stoffen en hun effecten op het menselijk en dierlijk lichaam, interactie tussen geneesmiddelen en de giftigheid of toxicologische waarde van medicijnen.
Onderdelen van de farmacie zijn onder andere de farmacologie, farmacognosie, farmacochemie, farmaceutische technologie ( onder andere de bereiding van geneesmiddelen) en biofarmaceutische analyse.
De wettelijke vereisten voor de bereiding van geneesmiddelen zijn vastgelegd in de Geneesmiddelenwet, de Regeling Geneesmiddelenwet en het Besluit Geneesmiddelenwet. De geneesmiddelenwetgeving kan per land verschillen. De Internationale Conferentie voor Harmonisering werkt aan standaardisering van geneesmiddelenwetgeving. De farmaceutische industrie doet onderzoek naar, ontwikkelt en produceert geneesmiddelen.
[bewerken] Zie ook
| Meer mediabestanden bij dit onderwerp vindt u in de categorie Pharmacy van Wikimedia Commons. |
