Verpleeguniform

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Verpleegkundige in het ziekenhuis.

Verpleeguniform is de benaming van de werkkleding dat verpleegkundigen of verzorgenden in een ziekenhuis, verpleeghuis of andere instelling voor gezondheidszorg dragen.

Inhoud

[bewerken] Geschiedenis

Het verpleeguniform bestaat al vrij lang. De eerste uniformen waren afgeleid van de nonnenkledij. Deze kleding was gemaakt van dikke stoffen, bestond uit meerdere lagen en was niet comfortabel in het dragen. In de jaren '70, '80 en '90 van de 21e eeuw onderging het uniform drastische veranderingen. De gebruikte stof werd steeds dunner, de verschillende lagen verdwenen en uiteindelijk werd het vervangen door 'scrubs', bestaande uit een broek en een jasje (ook wel geassocieerd met een pyjama). Dames droegen tot de jaren '70 vaak een kapje.

[bewerken] Doel

Door middel van het uniform wordt de verpleegkundige herkend als medewerker binnen een instelling. Daarnaast heeft het uniform een specifieke functie als het gaat om hygiëne en voorkoming van infecties. Zowel de patiënt als de verpleegkundige wordt beschermd tegen infecties en/of besmetting.

[bewerken] Richtlijnen

Hoewel het beleid ten aanzien van het uniform per instelling kan verschillen zijn er vaak landelijke richtlijnen. Zo dient het uniform eigen kleding (indien gedragen) te bedekken en moet het uniform dagelijks en bij zichtbare vervuiling worden vervangen. Vaak wordt het uniform door de instelling verstrekt en onderhouden/gewassen.

[bewerken] Onderdelen van het verpleeguniform

De meeste verpleeguniformen verschillen van elkaar. Dit komt omdat iedere instelling een eigen kleur, stof en model kiest. Ook (inter)nationaal bestaat er geen "uniforme" werkkleding voor verpleegkundigen. Ieder land heeft zijn eigen stijl. Aan de meeste uniformen kan men aflezen welke functie de drager heeft.

Het uniform bestaat uit de volgende onderdelen:

  • jurk met korte mouwen

of

  • broek en jasje met korte mouwen (gesloten gedragen)

daarnaast:

  • schoenen, sandalen of (kunststof) klompen
  • bij niet patiëntgebonden activiteiten een vest met lange mouwen
  • identificatiebadge of speld met naam, functie en evt. naam instelling/afdeling/sector

eventueel:

  • hoofddoek (bijvoorbeeld bij moslima's)

De sluier, het kapje en de insigne (badge) van de opleiding zijn in Nederland en België bijna verdwenen.

Aanvullende kledingvoorschriften:

  • Bij het uniform mogen geen sieraden (ringen, polshorloges, armbanden, nagelpiercings, grote oorbellen) worden gedragen
  • nagels kortgeknipt en schoon, geen nagellak
  • lang haar wordt opgestoken of bijeengebonden gedragen
  • baard en of snor kortgeknipt
  • Alleen disposable zakdoeken worden gebruikt
  • Eventueel aanvullende werkmaterialen: schaar, kocher, schrijfmateriaal, klokje of zandloper cq "polsteller"

Aanvullende (vaak disposable) onderdelen bij isolatie of gebruik van gevaarlijke stoffen (bijvoorbeeld cytostatica):

  • vochtondoorlaatbaar schort met lange mouwen, altijd gesloten
  • handschoenen
    • niet steriel: bij bijvoorbeeld wondverzorging of bloedafname
    • steriel: bij operaties en omgang met steriele materialen
  • beschermende bril of spatscherm
  • mondneusmasker
    • chirurgisch-: onder meer bij chirurgische ingrepen en bepaalde vormen van isolatieverpleging
    • filter-: bij aerogene isolatieverpleging van patiënten met bijvoorbeeld open TBC

[bewerken] Stereotiep uniform

Het stereotiepe beeld van de verpleegkundige - in dit verband aangeduid als "zuster" - wordt uitgebeeld door de "verpleegstersjurk". Doorgaans een kort wit jurkje, kapje met rood kruis erop, haren los gedragen. Vaak gebruikt in de media (zoals in de film Ja zuster, nee zuster) en op beterschapskaarten.

Hiermee samenhangt het stereotiepe beeld van de "hoofdzuster": nors/streng kijkende oudere vrouw in smetteloos witte jurk, kousen, opgestoken (grijs) haar, (lees)brilletje. Zie film "One Flew Over the Cuckoo's Nest"

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

Persoonlijke instellingen
Boek maken
in andere talen